
Symfonieorkest aangenaam opgezweept in Chassé Theater
Het Brabants Orkest met Nino Gvetadze, piano en John Axelrod, dirigent.
Uit de instrumentale schatkist van onze provincie werd
gisteravond flink uitgepakt. Een uitverkochte middenzaal van het
Chassé Theater kreeg bij Het Brabants Orkest de primeur in de serie
Symfonische Giganten. De titel van het concert had net zo goed op
het orkest kunnen slaan als op het repertoire van de componisten.
Het ensemble trad namelijk in de meest volle bezetting met zo'n
tachtig musici op, inclusief een grote divisie percussionisten. De
kostbaarheden die tevoorschijn werden gehaald, konden daardoor met
hulp van twee
buitenlandse gastmusici schitterend opgepoetst worden. Al direct
in de l'Arlesienne Suite nr. 2 van Bizet werd duidelijk dat de
Amerikaanse dirigent John Axelrod slechts één doel had: het
volledige muzikale spectrum dat zich hierin ontvouwt, tot in
details zichtbaar en hoorbaar te maken.
Dus gingen bij Bizet delicate blaasmotiefjes vooraf aan de
applausmachine die de vurige Spaanse farandole tenslotte opriep.
Ook na de pauze was Spanje onderwerp van betekenis. Waar van de
twintigsteeeuwse Berio misschien nog het meest abstracte geluid
viel te verwachten, bleek zijn variatie op Ritirata notturna di
Madrid van Boccherini meer op een toegankelijke triviale feestmars
dan op een Berioexperiment. In dat opzicht werd het publiek tussen
de toptitels eerder opgevoed met Debussy's Ibéria. Hierbij sloeg
Axelrod achteloos de bladzijden van het muziekboek om, omdat alle
aandacht nodig bleek voor de constant spannende frasering binnen de
impressionistische kleuren. De partituur en lessenaar werden zelfs
opgeruimd voor de meest populaire titel op deze muziekavond: de
Boléro van Ravel.
Aangevoerd door het hypnotiserende ritme op de snarentrom - een
geslaagd huzarenstuk voor de slagwerker - wist Axelrod ook hier Het
Brabants Orkest weer aangenaam op te zwepen tot een gestaag, maar
uiteindelijk bloedstollend crescendo. Ook voor de pauze werden
strijkers en blazers al klaargestoomd voor deze orkestrale
manoeuvre.
Namelijk als gelijkwaardige muzikale partners van de Georgische
pianiste Nino Gvetadze. Haar tempo en temperament, haar
virtuositeit en vitaliteit gaven het driedelige Pianoconcert nr. 2
van Saint-Saëns een wereldklasse die in Breda met een langdurige
ovatie werd beloond.
door Peter Korz
Gehoord op 9 april in Chassé Theater, Breda.
Terug naar het overzicht